Ga terug

30 november 2017

Automotive Campus Helmond Stille motor van de Brabantse economie

De Automotive Campus in Helmond timmert al jaren in stilte aan de weg. Maar wel met succes: steeds meer bedrijven en onderwijsinstellingen vestigen zich op het terrein. En nog belangrijker: de innovatieve oplossingen die door kruisbestuiving ontstaan vinden hun weg naar de internationale markt. De clusterorganisatie AutomotiveNL speelt daarin een hoofdrol. Brabant Business Magazine stelt u voor aan deze stille motor van de Brabantse economie! Brabant heeft een sterke economie. De hightech industrie – veelal een spin off van Philips - floreert en zorgt voor een aantrekkelijk vestigingsklimaat dat door internationale bedrijven en medewerkers gewaardeerd wordt. Minder bekend is de rol die de automotive in onze Brabantse (en landelijke) economie speelt. Deze sector telt maar liefst 55.000 medewerkers, vooral in het oosten en zuiden van Nederland. Gezamenlijk genereren ze een omzet van 20 miljard euro. Van oudsher is DAF Trucks natuurlijk een belangrijke aandrijfkracht van onze economie. Mede dankzij dit Brabantse bedrijf is de automotive sector uitgegroeid tot een belangrijke economische factor. Nederland is internationaal gezien actief in alle facetten van mobiliteit: van innovatie en ontwikkeling tot realisatie. En van advies tot bouw en oplevering. Al die facetten komen samen op de Automotive Campus in Helmond. Daar is ook clusterorganisatie AutomotiveNL gevestigd. Zij bundelt de kennis en krachten van meer dan 180 leden die automotive als core business hebben. Daarmee is zij een belangrijke (inter)nationale gesprekpartner voor overheden en bedrijven. Afspiegeling sector “Onze leden bepalen de koers,” leggen Bram Hendrix, Jean-Pierre Heijster en Jan Wouters uit. “Waar we hard aan gewerkt hebben - en trots op zijn - is dat de leden echt een afspiegeling zijn van de Nederlandse automotive industrie. De bekende triple helix is bij ons ook écht alledaagse praktijk. Overheid, onderwijs, kennisinstellingen en bedrijven werken nauw samen. Naast bekende grote bedrijven zijn gelukkig ook veel MKB’ers lid. Dat vinden we belangrijk, omdat we zo pas écht de hele sector kunnen ondersteunen bij gezamenlijke ontwikkeling en innovatie. Daarbij kiezen we heel bewust om te werken voor de hele breedte van de sector. Mobiliteit heeft veel aspecten en er werken veel verschillende organisaties aan. Juist daarin zit de kracht van AutomotiveNL. We werken samen aan mobiliteitsvraagstukken in de transport, logistiek en het maatschappelijke leven. Er liggen veel kansen die we gezamenlijk willen benutten.” Roadmap Die kansen komen voort uit belangrijke mondiale mobiliteitsvraagstukken. Die bepalen de roadmap die AutomotiveNL tot 2025 volgt. Jean-Pierre legt uit: “We hebben voor onze 180 leden een faciliterende rol. Wij kunnen helpen bij het inzetten van technologische toepassingen om de uitdagingen in mobiliteit op te lossen. Wereldwijd hebben we te maken met problemen in de bereikbaarheid, veiligheid en milieubelasting. Daarom zijn dat ook de speerpunten in onze roadmap. Daar ligt een enorme uitdaging, maar ook een enorm economisch potentieel. Met hightech innovaties willen we praktische oplossingen bieden.” Bram vult aan: “AutomotiveNL is daarbij de aanjager. Bijvoorbeeld door MKB’ers te ondersteunen bij het leggen van internationale contacten, kennis te delen en partijen samen te brengen voor kruisbestuiving. Daarmee wordt innovatie en internationalisering ook haalbaar voor kleinere bedrijven. Vergeet niet dat 88% van de automotive bestaat uit export van producten of kennis.” Topsectorenbeleid De regionale én nationale overheid zijn zich inmiddels bewust van de stille motor van de Brabantse economie. “De sector heeft een belangrijke positie in het zogenoemde topsectorenbeleid,” vertelt Bram. “Dat betekent onder meer dat de overheid buitenlandse missies actief ondersteunt. Het spreekt voor zich dat internationalisering een belangrijk doel is van onze clusterorganisatie. Op dit moment zijn we actief in 6 internationale programma’s. Onder meer in Frankrijk liggen interessante kansen voor onze leden. We ondersteunen actief onze leden in het benaderen van die markt. Daarnaast hebben we voor onze leden nog meer duidelijke doelstellingen: ontplooiing van bedrijven en organisaties, netwerken en clusteren en innovatiebevordering. Ook die geven we heel praktisch vorm, bijvoorbeeld met workshops en businessclubs. Dat alles onder het motto ‘niemand kan het alleen’.” Betaalbare innovatie Aan de ene kant wordt het ledenbestand van AutomotiveNL steeds breder. Zo hebben onder andere Q-Park, UPS en Achmea zich aangesloten bij de clusterorganisatie. “Dat heeft alles te maken met de verschuiving van de vraagstukken,” zegt Jan. “Die verschuift van automotive naar mobiliteit. Dat maakt ons werk breder en legt tegelijkertijd duidelijk het accent op innovatie. Daarin zijn zeer interessante ontwikkelingen gaande. Het elektrisch en hybride rijden is daarvan de meest bekende. Maar ook autonoom rijden en green en smart mobility zijn in opkomst. Logisch dat dat dus ook speerpunten in ons beleid zijn. Daarbij hebben we oog voor technische ontwikkelingen. We faciliteren onze leden en zorgen dat innovatie bereikbaar wordt voor het MKB. Maar we denken ook na over onze aspecten. Bijvoorbeeld de vraag hoe je kennis behoudt als een innovatief project onverhoopt stopt. En we houden ons ook bezig met de vraag hoe we kennis en werkgelegenheid in onze branche kunnen behouden en stimuleren.” Jean-Pierre vult aan: “Daarvoor krijgen we nu – in het kader van het topsectorenbeleid – een incidentele bijdrage van de overheid. Omdat we graag een toegankelijke organisatie willen blijven, willen we de bijdrage van onze leden betaalbaar houden. Mijn grote wens is dan ook dat we een structurele bijdrage van de overheid krijgen om onze ambitieuze maar realistische programma’s optimaal te kunnen uitvoeren.” Thuisbasis Over toegankelijk gesproken: de thuisbasis van AutomotiveNL is de Automotive Campus in Helmond. Op dit terrein zijn inmiddels zo’n 50 organisaties gevestigd, die actief zijn in de meest uiteenlopende facetten van mobiliteit. Directeur Lex Boon hoopt ook komend jaar weer bedrijven te verwelkomen op zijn campus. “Mijn taak is om een aantrekkelijk vestigingsklimaat te realiseren en om de ontwikkeling van de campus te versnellen. We hebben daarvoor al heel wat in huis: fantastische testfaciliteiten, zoals ons living streetlab. Daarbij kunnen organisaties op de A270 real life testen uitvoeren. Maar er zijn ook ruimtes om virtueel te experimenteren en op de werkvloer samen te werken. In dat opzicht ben ik blij met de komst van Summa College, die haar automotive opleidingen op onze campus onderbrengt. Op onze campus zitten bedrijfsleven en onderwijs dus letterlijk naast elkaar. Daardoor kunnen ze gemakkelijker gezamenlijk optrekken in het ontwikkelen van maatwerk in opleidingen. Juist zulke kruisbestuiving willen we op de campus actief faciliteren en stimuleren.” Hoewel de campus steeds meer aantrekkingskracht krijgt, blijft dat de komende jaren een speerpunt voor Lex. “We zijn enorm blij met de verbeterde bereikbaarheid vanaf de N270. Maar op ons wensenlijstje staat nog wel een snelle busverbinding met Eindhoven. Dan zijn we via de weg, over het spoor en per fiets goed bereikbaar.” Die bereikbaarheid is belangrijk, want de campus breidt gestaag uit. Lex: “Ook in 2018 zullen we nieuwbouw op het terrein realiseren. Daarnaast krijgen een aantal bestaande gebouwen een facelift, waardoor de campus aantrekkelijker en zichtbaarder wordt. Ons goede voornemen is om op termijn het terrein te vergroenen met een park. Dat draagt allemaal bij aan een campus die gezien mag worden en waar medewerkers, bezoekers en geïnteresseerden graag komen. Daarbij is het wel belangrijk om de balans tussen transparantie en vertrouwelijkheid goed te bewaken. Veel bedrijven werken aan vertrouwelijke projecten. Dat betekent dat zij achter de schermen in alle rust en vrijheid aan hun innovaties moeten kunnen werken. Daar houden we uiteraard terdege rekening mee. Tegelijkertijd willen we het grote publiek meer bij onze campus betrekken, onder ander met het ‘hosten’ van evenementen. Afgelopen jaar was er bijvoorbeeld de Automotive Week. En in 2019 zijn we gastheer van het vermaarde Europese congres voor Intelligent Transport Systems. Een mooie gelegenheid om onze vernieuwde campus dan internationaal te presenteren!”

Gerelateerd