Ga terug

17 april 2020

CoronaHRM

Aart van der Gaag: “Nu niet de tijd om tegen werkgevers te zeggen dat ze hun quotum moeten halen.”

In de zogeheten banenafspraak spraken de sociale partners in 2015 met de regering af om in elf jaar tijd (dus tot 2026) 125.000 extra banen te creëren voor mensen met een arbeidsbeperking: 100.000 in de marktsector en 25.000 bij de overheid.

Tot 2026 heeft Aart van der Gaag (71) de tijd om als boegbeeld (marksector) en inspirator (overheid) 125.000 mensen met een arbeidsbeperking aan het werk te helpen. Maar corona gooit flink roet in het eten. “Het is nu niet de tijd om tegen werkgevers te zeggen: je moet je quotum halen”, aldus Van der Gaag. “Werkgevers hebben even wat anders aan hun hoofd.”

De taak voor Van der Gaag is heel simpel: namelijk zoveel mogelijk bedrijven en de overheidswerkgevers zoals onderwijs, enthousiast te maken om mensen met een lichamelijke en/of psychische beperking in dienst te nemen. In 2015 startten beide projecten.

In de commerciële sector zijn inmiddels 60.000 mensen met een arbeidsbeperking aan het werk: in de zorg, de schoonmaak, horeca, in fabrieken, land- en tuinbouw, winkels en supermarkten… Het project liep dus als een tierelier. Nu maakt Van der Gaag zich grote zorgen over de voortgang van het ambitieuze project. “Door de coronacrisis zit ruim 60 procent thuis, en dit jaar kunnen we misschien maar hoogstens 5.000 mensen aan een baan helpen, in plaats van de geplande 10.000. Veertig procent van onze mensen werkt op tijdelijk contracten, waarvan een groot deel waarschijnlijk niet verlengd zal worden. De coronagevolgen zijn dus immens voor bedrijven, maar vooral voor de medewerkers zelf. Want voor mensen met een beperking is het hebben van structuur, met een baan, misschien nog belangrijker dan voor andere werknemers.”

Denken we later niet: hadden we er niet verstandiger aan gedaan om mensen op te leiden, of om te scholen voor een loopbaan in essentiële sectoren?
Aart van der Gaag

Het creëren van 25.000 banen bij de overheid loopt met 4.000 ingevulde banen achter. Van der Gaag: ”Dat komt omdat bij de overheid vaak minder snel beslissingen genomen kunnen worden dan in het bedrijfsleven. Anderzijds: bij overheidswerkgevers, waaronder onderwijs, zullen de corona-effecten waarschijnlijk minder dramatisch zijn, budgettair en qua banenverlies.”

Miljardeninvesteringen overheid

De overheid gaat tientallen miljarden investeren om ondernemers en de economie te helpen. Maar Van der Gaag heeft bedenkingen bij die miljardeninvesteringen. “Ik heb respect voor wat de overheid nu doet. Maar ik sluit niet uit dat we over een aantal jaar zeggen: hadden we niet beter kunnen investeren in een nieuwe economie; meer in de zorg, meer in duurzaamheid, meer in bijvoorbeeld enige autarkie op het gebied van medicijnen en medische hulpmiddelen, dus niet importeren maar zelf ontwikkelen, produceren en consumeren. Misschien denken we over aan aantal jaren: Hadden we in plaats van een breed opgezet financieel reddingsplan, er niet verstandiger aan gedaan om mensen op te leiden, of om te scholen voor een loopbaan in essentiële sectoren. Ook is het best bijzonder dat zzp’ers zonder toets geholpen worden, terwijl veel uitzendkrachten, voor wie wel premie is betaald, zonder inkomen komen te zitten. Ook voor die uitzendkrachten geldt: nu is de tijd om ook hen scholing te geven om in andere sectoren te kunnen werken. Want alles beter dan alleen een uitkering.”

Bijscholing

Binnen de projecten ‘Op naar de 100.000 banen’ en ‘Op naar de 25.000 banen’ wordt al gekeken naar om- en bijscholing van medewerkers. Van der Gaag: “Veel van de schoonmakers laten zich nu bijvoorbeeld bijscholen voor schoonmaak in ziekenhuizen; daar is nu veel vraag naar extra en gespecialiseerde schoonmakers.”

“Je kunt veel digitaal vervangen, maar zeker niet alles”

Soms weifelen werkgevers in de marktsector om mensen met een arbeidsbeperking in dienst te hebben. Van der Gaag geeft het voorbeeld van een ondernemer die liever de quotumboete betaalde dan dat hij iemand in dienst nam met een beperking. “Andere ondernemers haalden hem over, ze hadden goede ervaringsverhalen. Deze werkgever heeft nu mensen met een beperking in dienst en is heel enthousiast over het project.”

Van der Gaag legt uit dat positieve verhalen van collega-ondernemers daarom enorm belangrijk in het project ‘Op naar de 100.000 banen’. “Daarom organiseren wij heel regelmatig live-evenementen voor ondernemers. In maart zouden we op 40 locaties duizenden ondernemers met elkaar in contact brengen. Dat ging helaas niet door. Je kunt veel digitaal vervangen, maar zeker niet alles. Dit is het moment van een zoektocht naar alternatieven. Dat is namelijk enorm de moeite waard.”

Hoe nu verder met de Banenafspraak?

Gezien de achterstand door de coronacrisis lijkt het Van der Gaag verstandig als de overheid de termijn voor het behalen van de aantallen uit de Banenafspraak, 100.000 voor bedrijfsleven en 25.000 bij de overheid, met minimaal twee jaar verlengt, tot 2028. “In elk geval zou de overheid moeten verklaren dat boetes niet aan de orde zijn als quota niet gehaald worden en dat er voorlopig geen nieuwe wetgeving op dit gebied wordt ingevoerd.”

“En als deze crisis weer voorbij is en de bedrijven van de shock bekomen zijn,” zo stelt Van der Gaag, “dan gaan we er met onze projecten weer in volle vaart tegenaan. Er is in de afgelopen tijd bewezen dat inclusie zowel economisch als sociaal winst oplevert. Dat gaat niet weg.”

Bron: https://www.coronakrant.nl/

Gerelateerd