Ga terug

17 maart 2022

Financieel & Juridisch

Aantal WW-uitkeringen daalt, toenemend tekort in zorg door vergrijzing

In februari 2022 werden in de provincie Noord-Brabant 28.467 WW-uitkeringen verstrekt. Dat is een daling met 2,4% in vergelijking met de maand ervoor. De krapte op de arbeidsmarkt blijft zich manifesteren. Vooral vacatures voor ICT-ers en technisch personeel zijn moeilijk(er) in te vullen. Ook de personeelswerving in de zorg komt onder steeds grotere druk te staan. In deze sector is er sprake van een dubbele vergrijzing. Meer ouderen zorgen voor een toename van de vraag naar zorg, terwijl aan de andere kant veel werknemers de sector de komende jaren zullen verlaten als gevolg van het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd.

Aantal WW-uitkeringen gedaald
In februari 2022 daalde het aantal WW-uitkeringen in Noord-Brabant ten opzichte van de maand ervoor met bijna 700. De afname in februari (-2,4%) was lager dan landelijk (-2,8%). De afname in februari was het sterkst onder technische beroepen (-161), bedrijfseconomische en administratieve beroepen (-113) en commerciële beroepen (-100). De daling is waarschijnlijk een gevolg van de sterke versoepeling van de coronamaatregelen waardoor het vertrouwen van werkgevers en consumenten toeneemt. Zo daalde bij de commerciële beroepen vooral het aantal personen dat stond ingeschreven als verkoper. Ten opzichte van een jaar geleden nam het aantal uitkeringen in Noord-Brabant af met 33% tegenover 34% landelijk.

Krapte op arbeidsmarkt onverminderd hoog
In het vierde kwartaal 2021 bedroeg de Spanningsindicator Arbeidsmarkt UWV in Noord-Brabant 4,2. Dat betekent dat er per direct beschikbare werkzoekende gemiddeld 4,2 vacatures openstaan. Landelijk stond de indicator op 3,8. In vergelijking met het landelijk gemiddelde is de arbeidsmarkt in Noord-Brabant met name krapper voor agrarische beroepen, technische beroepen, transport- en logistieke beroepen en beroepen in de beroepsklasse openbaar bestuur, veiligheid/juridisch. In afbeelding 1 wordt de waarde van de Spanningsindicator voor alle Nederlandse provincies weergegeven. De arbeidsmarkt in Noord-Brabant wordt als ‘zeer krap’ getypeerd. Ten opzichte van het derde kwartaal 2021 is de Spanningsindicator nagenoeg gelijk gebleven. De grootste krapte doet zich voor bij ICT-beroepen, technische beroepen en beroepen in het segment openbaar bestuur, veiligheid en juridisch. De krapte op de arbeidsmarkt eind 2021 lag fors hoger dan vóór de coronacrisis. In het vierde kwartaal 2019 stonden er gemiddeld 2,4 vacatures open voor iedere (direct beschikbare) werkzoekende in Noord-Brabant. CBS wijst drie oorzaken aan voor de (uitzonderlijke) krapte op de arbeidsmarkt. Op de eerste plaats wordt gewezen op de sterke groei van de economie waardoor de vacaturemarkt een recordhoogte heeft bereikt. In het laatste kwartaal van 2021 stonden er in Noord-Brabant ruim 65.000 vacatures open. Dat is hoger dan vóór de coronacrisis. Vóór de crisis (eind 2019) stonden er ruim 42.000 vacatures open. Daarnaast heeft de markt te maken met een enorme pensioneringsgolf en is nieuwe instroom nodig om de vertrekkende werknemers op te volgen. Als laatste wordt gewezen op de impact van de coronacrisis. De arbeidsmarktmigratie kwam vrijwel stil te liggen en veel migranten uit Midden-Europa keerden terug naar hun vaderland. Als de markt dan vervolgens aantrekt is dit aanbod niet direct beschikbaar. Verder wordt door het CBS ook gewezen op de overheidsmaatregelen die de dynamiek op de arbeidsmarkt verstoorden: bedrijven die onder normale omstandigheden failliet zouden zijn gegaan, bleven vooral dankzij de NOW-regeling overeind en mede daardoor bleven werknemers zitten in banen, waar ze anders uitgestroomd zouden zijn.

Afbeelding 1: Spanning op de arbeidsmarkt per provincie4e kwartaal 2021

Personeelswerving in de zorg steeds meer onder druk
In de zorgsector staat de personeelswerving al langer onder druk. Zorgpersoneel is schaars waardoor vacatures moeilijk of niet te vervullen zijn. De coronacrisis heeft de al bestaande tekorten aan personeel in de zorg verscherpt. Ook voor de toekomst wordt rekening gehouden met een tekort aan personeel in de zorg. Een vergrijzende c.q. ouder wordende bevolking waardoor de zorgvraag toeneemt, een relatief geringe instroom van werknemers en een relatief vergrijsd personeelsbestand zijn hier mede verantwoordelijk voor. Zo’n 37% van het aantal werknemers in de sector zorg & welzijn in Noord-Brabant is 50 jaar of ouder. Dat betekent dat de komende jaren ruim 69.000 werknemers de sector zullen verlaten, voor een groot deel als gevolg van het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. Meer zorgvraag en een achterblijvende instroom zijn er verantwoordelijk voor dat de spanning op de arbeidsmarkt verder zal toenemen. Volgens het Prognosemodel Zorg en Welzijn van AZW (onderzoeksprogramma Arbeidsmarkt Zorg en Welzijn) loopt het tekort in Nederland op van 49 duizend in 2022 tot 117 duizend in 2030. De grootste tekorten op zowel de korte als langere termijn worden verwacht in de verpleging en verzorging en in de thuiszorg. Wat beroepsgroepen betreft zijn de verwachte tekorten het grootst bij verzorgenden mbo 3 en verpleegkundigen mbo 4 en hbo. Ook in Noord-Brabant verwacht AZW een forse toename van de tekorten.

Eind 2021 wordt de arbeidsmarkt voor zorgberoepen in Noord-Brabant volgens de Spanningsindicator als ‘zeer krap’ getypeerd. Tot de zorgberoepen met de hoogste krapte in het vierde kwartaal van 2021 behoren psychiater, gezondheidspsycholoog, verzorgende individuele gezondheidszorg (IG), (sociaal-psychiatrisch) verpleegkundige en wijkverpleegkundige. Voor de meeste van deze beroepen is een opleiding nodig op minimaal mbo-3 niveau of op hbo/wo-niveau. Dat kan een flinke drempel zijn voor toetreding van werkzoekenden, maar soms is een tussenstap mogelijk. Zo zijn de kansen bijvoorbeeld ook goed voor helpenden (niveau 2) die kunnen doorstromen naar verzorgende IG op niveau 3.

Er zijn tal van initiatieven om de huidige en toekomstige tekorten in de zorgsector te verminderen. Zo wordt bijvoorbeeld gewerkt aan oplossingen om het werk anders te organiseren en anders te verdelen over verschillende functies. Dit gaat vaak samen met een herbezinning op de uit te voeren taken. Vermindering van de administratieve last kan bijvoorbeeld extra uren opleveren voor zorg of verlaging van de werkdruk.
Er worden ook manieren ontwikkeld om stapsgewijs op te leiden voor de zorg. Zo biedt de Nationale Zorgklas een korte online-training of snelcursus voor iedereen die wil meehelpen in de zorg, ongeacht hun achtergrond. Daarnaast is er ook is een leerroute om in maximaal 6 maanden een mbo-certificaat te halen op niveau 2 of 3. Nationale zorgklas

Vanuit het WerkgeversServicepunt West-Brabant is in samenwerking met Brabantse wal, Hart van West-Brabant, gemeente Breda en opleider Curio een traject opgezet voor het werven en opleiden van groepshulpen bij Kinderopvang Kober. Een groepshulp hoeft geen pedagogische opleiding te hebben gedaan, heeft vmbo werk- en denkniveau en er wordt goed gekeken naar de intrinsieke motivatie. Kandidaten doorlopen een 6-daagse training waarin de basis van de functie gelegd wordt. Bij Kober is er de mogelijkheid een intern BBL-opleidingstraject te volgen naar pedagogisch medewerker.

Meer informatie over de zorgsector is te vinden in de op 17 maart gepubliceerde Barometer Arbeidsmarkt Zorg van UWV. Barometer Zorg